Verhuisd!

10 maart 2009

Ah, blijkbaar wist nog niet iedereen dat ik ergens anders verder schrijf. Je mag je links aanpassen en nu gaan naar http://www.monkeyman.be. Dit blijft hier nog staan als archief, voor de echte kenners.

Belevenissen van een lakei

19 augustus 2007

Vandaag zijn we naar een van de heikelste discussiepunten van de laat-Romeinse geschiedenis van Tongeren gegaan: Ooit Tongeren, een nakomertje van Het Land van Ooit in Nederland, het park waar de kinderen baas zijn. Als je de meningen in de kranten leest, is het een ramp: veel te weinig volk, luie jobstudenten, ongeïnspireerde toneeltjes… Omdat Lotte er als personage rondloopt, vonden we van S.O.S. en haar improvisatie-groep dat we toch eens moesten gaan kijken hoe ze daar nu eigenlijk de kost verdient. Lotte heeft ondertussen een aantal correcties doorgestuurd, die je in het cursief tussendoor vindt, evenals een aantal aanpassingen van mijn kant.

Een eerste opmerking: ja, ‘t is redelijk duur. Je betaalt 18 euro per persoon, enkel wie jonger is dan drie jaar (hoe controleren ze dat eigenlijk?) mag gratis binnen. Wij zijn een beetje creatief geweest en samen met een Antwerpse familie binnengegaan, waardoor we groepskorting kregen. Leraren moeten zeker niet aarzelen, die krijgen tot het einde van de vakantie hun visum gratis. Maar als je met een doorsnee gezin gaat, ben je dus al 70 tot 90 euro aan de kassa kwijt. Eénmaal binnen moet je nergens meer betalen, tenzij je geen lunchpakket meehebt, of een gadget wilt kopen. Alles is relatief natuurlijk: Plopsa Indoor kost misschien minder, maar vele andere pretparken zijn (een stuk) duurder. Het zal mij leren met een beperkt wereldbeeld rond te lopen ;-)

De stad Tongeren (die er via een PPS-constructie in geïnvesteerd heeft) klaagt dat er te weinig aandacht is voor haar Romeinse verleden. Tja, daar kan je ze geen ongelijk in geven. De meeste personages komen uit het originele Land, en daar zit alles in een middeleeuwse sfeer (met ridders, prinsessen, lakeien en hofdames). Drie attracties hebben een Romeins thema: een galjoen waar je zelf mag roeien, Ambiorix die je mag rondtrekken, en touwtrekken tegen Caesar (dat spijtig genoeg vandaag buiten gebruik was). Voor de rest is er nog de grote show in het Colosseum, waar je eigenlijk weer een riddershow te zien krijgt (met enkele elementen waar de voorzitter van de heemkundige kring zich zeer druk over zou maken). Al vochten ze in die tijd blijkbaar ook al zo – misschien dat enkel het (kort stukje) steekspel niet historisch correct was. Och neen, ik vergeet nog de Plinius-fontein: een soort van replica van een antieke fontein, maar dan met felle blauwe en roze kleurtjes. Blijkbaar moest er nog een voorwaarde in het contract vervuld worden… Lap, ‘t is geen replica! Het is wel degelijk de bron zoals ze daar altijd gestaan heeft, maar dan met een huisje eromheen (dat dus wel de omliggende kleuren heeft gekregen). Misschien dat ze de heemkundige kring kunnen vragen om een bordje met uitleg op te komen hangen…

Wij hadden geen kinderen mee, dus hebben we zelf ons kinderlijk enthousiasme moeten bovenhalen (wat gelukkig mocht: er staat nergens een bovenlimiet op). Alles bij elkaar zijn er niet zoveel attracties, maar je moet (mede dankzij het lage bezoekersaantal, ik gok op 500 man in de grote show) nergens aanschuiven, waardoor je gemakkelijk de leuke dingen meermaals kunt doen (en kinderen onder de tien houden dikwijls nog van herhaling, so why bother?). De waterspelen zijn toch nog redelijk uitdagend (en je kan er echt invallen), maar er is een droogkamer (waar het water opdroogt, maar jij je terug natzweet van de hitte – niet zo effectief dus). Het blijft wel een pretpark, dus doe iets aan wat vuil mag worden :-)

Naast de attracties heb je ook nog de verschillende verhalen in de theatershows. Het overkoepelende verhaal van Ooit is mij niet helemaal duidelijk (blijkbaar hebben we daarvoor de poppenshow gemist waar alles in uitgelegd wordt), en ik vond het ook spijtig dat je dat niet ergens rustig kon nalezen (als ik later op mijn vader blijf lijken, dan zou ik dat op een bankje willen doen, terwijl de kinderen de weg uit het doolhof zoeken – laat ze maar lopen!). De boodschap dat de kinderen baas zijn, en hun ouders de lakeien, kwam naar mijn inzien ook niet zo duidelijk over.

We zijn ook naar de show gaan kijken waar Lotte in meespeelde, en, surprise surprise, ik werd op het podium geroepen. Toevallig mocht ik dan ook nog de persoon “Jan” spelen, waardoor wildvreemden mij achteraf herkenden, en mijn naam in het park riepen. Bizarre ervaring. Mijn pas gekoppelde date heb ik echter niet meer teruggezien.

Eindconclusie? Ja, er zijn nog wat kinderziektes, maar die worden er nog wel uitgewerkt (door het volgende management waarschijnlijk, want het huidige is al ontslagen (dichterlijke overdrijving: er zijn een tweetal personen opgestapt)). Als je kinderen onder de tien hebt, en in een grotere groep kan gaan (zodat je van de korting kan profiteren), zou ik niet twijfelen. Als je geen groep hebt, kan je nog altijd proberen op de parking nieuwe vrienden te maken. Bereid het bezoek wel een beetje voor, door op de site de verhalen te lezen, en die aan de kinderen te vertellen (wat de verwachting nog leuker maakt). In Tongeren zijn er ook nog andere bezienswaardigheden (de oude gevangenis onder andere), maar ik weet niet hoe goed dat te combineren valt (tenzij je peppillen begint uit te delen, wat ze in de obscure Haspengouwse dancings wel eens doen).

Zonet kreeg ik een sms’je van Lotte waarin ze liet weten dat ze haar voet had omgeslagen, hopelijk zijn we niet de laatsten die haar deze zomer aan het werk hebben gezien. Ook hier een update: zes weken brace, en nog een weekje krukken, dus nog tijd genoeg om haar tegen de afsluiting van het seizoen nog te zien – of gewoon alle andere personages, want er lopen er genoeg door het park

Om af te sluiten iets waarschijnlijk alleen informatici mee gaan lachen: toen ik het zag liggen, kon ik dit Bubble Sword niet laten liggen. Bellen van klein naar groot, in kwadratische tijd!

bubble-sword.jpg

Stik!

9 augustus 2007

Er schuilt zowaar een huisvrouw in mij! Katrien liet vorige week vallen dat ze wel terug zou willen leren werken met een naaimachine, en toevallig viel er deze week een tweedehands Singer in onze armen. Machtig spul, uit 1983.

Gefeliciteerd! U bent op het punt om een avontuur en creativiteit te beginnen: U gaat naaien! En, U gaat naaien op één van de gemakkelijkste machines die ooit gemaakt werd.

Gefascineerd door zo’n geweldig stuk engineering (weet jij hoe het werkt? Ik wel), heb ik het ook eens geprobeerd (trouwens de eerste keer dat ik iets met pedalen heb bediend – als ik dit onder de knie heb, wordt de auto het volgende doel).

photo-25.jpg

Na twee oefenlijntjes ben ik maar meteen met iets moeilijk begonnen: een zakje. Het resultaat kan je (met moeite) op de foto bewonderen. Wat een geluk dat we volgende week moederdag vieren! ‘t Is weer als in mijn kleutertijd: crappy gifts all over!

En ter afsluiting van die kerkhistorie: de misboekjes zijn gedrukt, ik sta er in, maar ik zal me er wel op een aanvaardbare manier doorslaan.

Zij bidden u, verhoor hen heer

8 augustus 2007

Een aanvulling op mijn moreel dilemma: de eigenlijke tekst die ik gevraagd ben om te lezen:

Voor haar en hem die deze mooie dag niet meer met ons kunnen meevieren, maar nog steeds in ons hart wonen. Dat zij vanuit dat warme plekje getuige mogen zijn van ons geluk.

Gevolgd door “Wij bidden u, verhoor ons Heer”, gezegd door de hele kerk (maar ik sta daar natuurlijk wel als enige met een micro).

Wat denken jullie, mijn vrijwillig extern geweten?

Groeten uit de berensteeg!

1 augustus 2007

Opgelet, ik heb mijn blog verhuisd. Je kan deze tekst beter lezen op de nieuwe locatie.

Even een onnozel tussendoortje: toevallig zag ik het stukje kadaster waar wij op wonen, en blijkbaar heet onze grond historisch “De wilde beeren steeg”. Nog maar eens een bewijs dat mijn zusje wel degelijk hier door beren is achtergelaten! Ik heb het altijd geweten!

beerensteeg.png

Mijn ouders wisten dat blijkbaar al langer (van die naam, niet van mijn gedropte zus), maar volgens hun slaat het op de bosbessen die hier nu nog langs de wegen te vinden zijn. Tss… ben ik dan de enige met een beetje fantasie?

Die kaarten zijn wel leuk, alleen spijtig dat ik ze nergens online vind. Ik ben ze maar toevallig tegengekomen omdat hier in de buurt een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan wordt opgesteld, en de kaarten in dat dossier zaten. Geo-Vlaanderen is zo al langer aanbieder van hopen interessant geografisch materiaal. ‘t Is misschien niet zo vlot als Google Maps, maar je kan er toch enige tijd bezig blijven.

Ik laat jullie bidden voor…

31 juli 2007

Mijn zus trouwt binnenkort, en ze wilt ons als broers en zussen natuurlijk betrekken bij de viering. Zo kwam ze gisteren binnen met een stukje uit het misboekje, en de vraag of ik dit wou lezen: “Wij bidden ook voor onze dierbaren die overleden zijn, met name voor die en die…”. Klein probleempje: ik geloof niet. En bid dus ook niet. Die zinnen, ook al zijn het er maar twee, gaan voorlezen in een kerk lijkt mij nogal hypocriet. Dus heb ik vriendelijk neen gezegd (wat ze trouwens wel begreep hoor, maar ‘t is natuurlijk wel wat lastig voor de planning).

Mijn jongere zus vindt mij weer geweldig onnozel dat ik mijn principes niet eventjes kan negeren voor die paar zinnetjes. Het is natuurlijk niet veel, en ik zou er haar een plezier mee kunnen doen (want er zijn niet veel anderen die die zinnen kunnen zeggen omdat ze enkel op onze situatie van toepassing zijn). Eventjes werd er overwogen om de stukken van mijn jongste zus en mij te wisselen, zodat ik een verhaaltje over de trouwkaars mocht voorlezen (waarin geen expliciete religieuze verwijzingen zaten), maar daar paste ik blijkbaar niet zo in het kader.

Voor mij is het eenvoudig natuurlijk: ik werk met alle plezier mee aan dat huwelijk, en als zij die graag in een kerk vieren, dan kom ik ook met het volste genoegen, maar ik ga niets lezen waar ik zelf niet achter sta. En als ik dan nergens in de planning pas: geen probleem, het is hun viering, ik moet daar niet speciaal een plaats in krijgen. Maar ben ik nu echt zo’n PITA als ik dit niet wil doen?

Alles komt terug

29 juli 2007

Sinds de universiteiten waren gedemocratiseerd, wat inhield dat hij bijna elke week vele uren moest vergaderen om mensen die niets afwisten van de zaken waarover ze praatten, de gelegenheid te geven van hun democratische recht gebruik te maken er toch het hoogste woord over te voeren, ergerde hij zich.
Al drie jaar moest hij nu zijn tijd aan deze onbenullige nieuwigheid verknoeien. Tot wetenschappelijke arbeid van enige betekenis kwam hij niet meer.
[…]
Twee dagen had de Laboratoriumraad, samengesteld uit twee hoogleraren, twintig wetenschappelijke ambtenaren, vijftig studenten en dertig secretaresses, instrumentmakers, laboranten en schoonmakers, benevens de portier, hierover vergaderd van ‘s ochtends elf tot ‘s avonds elf. Er was gestemd. De stem van de portier – een luie communist – had de doorslag gegeven.

Een uittreksel uit de eerste twee pagina’s van Onder professoren, een roman van Willem Frederik Hermans uit 1975, waarin hij het verhaal vertelt van een professor aan een Nederlandse universiteit die de Nobelprijs wint, maar waar de politieke spelletjes om hem heen ertoe leiden dat hij steeds meer bijzaak wordt. Ik ben erin begonnen nadat Christophe Vekeman me in het oor fluisterde dat het zeker een aanrader is voor iedereen die ooit met ontzag naar een professor heeft opgekeken. Ik moet enkel nog aan toevoegen dat zeker ook studentenvertegenwoordigers, die regelmatig zelf de (ijdele) hoop hebben dat er iemand naar hun opkijkt (of toch tenminste niet op hun neerkijkt), er ook zeer veel plezier aan gaan beleven. Zeker de passages over de studenten die een actie plannen zijn ten zeerste aan te raden. Wat een heerlijke tijd, toen de studenten nog gewoon aan de kant van de arbeiders stonden. Maar wel met een Yamaha willen rondrijden…

“Duizend cc motor, dat gaat hard, kind. Als ik niet zo de pest had aan de politie, zouden we eventjes kunnen proefrijden. Maar weet je, ik zou voor het een of het ander aangehouden kunnen worden en ze zouden mijn rijbewijs kunnen vragen, dat ik niet heb. Daar zou ik eenvoudigweg niet tegen kunnen, begrijp je. Door zo’n klungel betrapt te worden! Zo’n oetlul het gevoel geven dat hij in zijn recht staat!”
“Dat zou ik dan maar niet doen.”
“Ik had het rij-examen wel gehaald, maar op een bepaald ogenblik dacht ik, toen die man zei: Nou linksaf, ik dacht: Jezus, man. Wie zegt jou dat ik linksaf moet en toen vond hij dat ik de bocht te krap nam.”
“Je bent te fijnbesnaard om rij-examen te doen.”

Feest!

21 juli 2007

Eindelijk een fatsoenlijke feestdag, en niet zo wat van die softe zever zoals tien dagen geleden. Zo wat linkse kleinkunst, bouw je daar een natie mee op? Neen, een militaire parade, dat lijkt er al meer op!

Enfin, ik heb er niet zoveel van gemerkt: ik heb vandaag al vier uur gewerkt, en de nieuwe Harry Potter gehaald in een winkel die daar speciaal voor openging. Hoera voor de kleine zelfstandige!

Gisteren in de AS Adventure

13 juli 2007

“Goeiedag, ik zoek een muskietennet”
“Ah leuk, waar gaat u heen?”
“Euh… ‘t Is eigenlijk niet voor mij, maar voor mijn broer.”
“Ah, en waar gaat hij heen?”
“Euh… ‘t Is eigenlijk om thuis boven zijn bed te hangen, tegen de muggen.”
“Ah. Nu ja, dat moet ook kunnen zeker?”

Mijn toekomst zou dus muggenbeten-vrij moeten zijn, nadat ik Katleen gisteren op expeditie heb gestuurd om een muggennet te gaan halen. We hebben hier wel vliegenramen op de slaapkamers, maar het is hier zo’n open huis, dat dat eigenlijk niet helpt. De nacht van woensdag op donderdag zou dus de laatste keer mogen geweest zijn dat ik door zo’n ellendig beest mij urenlang (of zo leek het toch) wakker hield, en deed twijfelen of het de moeite was om het licht aan te doen en op jacht te gaan (wat het toch nooit is, want ofwel vind je haar niet meer, ofwel eindigt het met een dikke rode vlek op de muur).

Ophangen ging gemakkelijk omdat ik vlak onder het dak slaap, en dus drie perfect geplaatste balken kon gebruiken om de haakjes in te boren. Het zal wel maar voor twee maanden zijn, want in september trekken Katrien en ik naar het appartement waar Martien nu nog zit, en ik weet niet of ik de huisbaas (zijnde ons vader) zover zal krijgen dat ik daar ook gaatjes mag boren.

Als je ‘t ziet, denk je onmiddellijk aan een tent of een hemelbed. Vroeger (nog niet zo lang geleden eigenlijk) heb ik een hele tijd witte lakens rond mijn slaapplatform gehangen, wat het helemaal een tent-uitzicht gaf (maar nogal veel luchtcirculatie tegenhield). Nu is die sfeer er terug, maar dan zonder de nadelen. Alhoewel: ‘t is nog een beetje zoeken, want het rek waar mijn wekker en zo op staan, ligt normaal ook buiten het net, en is dus moeilijker bereikbaar. Dat zou dan wel als voordeel moeten geven dat ik ‘s ochtends meer kans heb om op tijd uit bed te komen.

Deze nacht heeft het alleszins gewerkt: ik heb aan één stuk door kunnen slapen. Al kan het natuurlijk ook zo zijn dat er gewoon geen muggen in mijn kamer zaten…

Ook nog aan de kassa gisteren:

“Goh Katleen, dat zakje is nu wel erg vuil hé. Hadden we niet beter die andere genomen?”
“Ach mevrouw, als ze weg is, zal dat nog vuiler worden hoor. Waar ga je eigenlijk naartoe meisje?”

Bib bib – hoera?

15 mei 2007

Ik heb in mijn kindertijd nooit van de bibliotheek gehouden. We gingen in de lagere school regelmatig (om de twee weken?) naar de bibliotheek, om je oude boeken in te leveren, en nieuwe uit te lenen. Nu, warhoofd als ik ben, vergat ik al eens mijn oude boeken mee te nemen. Dat was fout, en daar moest wel een straf aan hangen. Toen wist ik niet beter, of ik moest na het betalen van een monsterachtig hoge boete publiekelijk aan een schandpaal genageld worden. Dus ik deed wat mij het veiligste leek: ik hield mij gewoon stil, en bleef bij elk bezoek mooi aan de kant op een bank zitten terwijl de rest boeken uitzocht. Die twee boeken die hopeloos over tijd waren bleven mij beschuldigend aankijken vanuit mijn rek, dus heb ik op een gegeven moment zelfs mijn bibliotheekkaart verscheurd. Ik weet niet meer precies hoe dat is afgelopen, maar ik geloof dat mijn vader op een gegeven moment die boeken heeft binnengedaan en de boete heeft betaald.

Ik heb mij dan jarenlang ver van alle bibliotheken gehouden. Dat betekent niet dat ik nooit meer gelezen heb, integendeel. Als je met mijn moeder afspreekt in Hasselt, is dat altijd in de Standaard Boekhandel. Ze is zelfs even ECI-lid geweest, tot ze ruzie kreeg omdat je daar regelmatig boeken moet kopen. En met mijn meter trok ik rond mijn verjaardag of Kerstmis altijd naar de Poespas in Hasselt om daar met een stapel vers leesvoer buiten te komen.

Mijn interesse is pas terug op gang gekomen toen we in het zesde een werkje moesten maken over Joegoslavië (of wat daar nog van overschoot). Iemand van onze groep had een boek nodig om over de geschiedenis te kunnen schrijven (toen was er nog geen Wikipedia…), en ik was blijkbaar de enige die geld bijhad om een lidkaart te kunnen betalen. Dat boek is trouwens ook een dag te laat binnengeleverd, wat mij toen toch 25 frank moet hebben gekost. Een geluk dat ik toen toch al wat meer zakgeld kreeg.

Maar goed, eenmaal je zo’n lidkaart hebt, moet je die toch gebruiken. ‘t Is toch een gemak dat je een hoop boeken, CD’s, DVD’s… eens kan uitproberen: als ze je niet bevallen, geen probleem, dan breng je ze gewoon terug (al wringt dat soms ergens). Sindsdien ga ik ook nog naar de Standaard, maar dan enkel om titels te noteren, die ik dan later uitleen.

En ja, ik heb regelmatig nog wel een boete, maar dankzij het krediet van vijf euro dat je mag opbouwen, volstaat het op éénmaal per jaar, als je toch je lidmaatschap moet vernieuwen, meteen die paar euro’s bij te betalen. In Genk is het zelfs nog beter: daar kan je een SMS’je krijgen als je boek binnenmoet (een systeem dat door Lithium wordt verzorgd trouwens). Stel dat ik mijn portefeuille moest afgeven en in het vervolg slechts met één kaart door het leven moest gaan, dan zou ik twijfelen tussen mijn Buzzy Pass en mijn bibliotheekkaart. Waarschijnlijk zou ik dan besluiten dat ik met mijn fiets ook wel overal geraak.

Het verhaal is iets anders als ik het heb over onze universiteitsbibliotheek. Zeker, de collectie is redelijk uitgebreid en up-to-date te noemen, zeker vergeleken met het aantal studenten aan de unief. En ja, dat openingsuren zijn ook voldoende ruim. Standaard leen je uit voor vier weken, en kan je in theorie slechts éénmaal verlengen (al volstaat het dikwijls om eens lief te kijken naar de jobstudent-van-dienst: ga dus altijd ‘s avonds naar de bib!).

Wee je echter als je een boek te laat binnenbrengt: dan mag je een maand lang niets meer uitlenen. Zeer handig als je volop in een thesis of iets dergelijk zit. Een herinnering sturen? Daar doen ze niet aan mee! Het zou maar al te logisch zijn om in de database te kijken welke studentennummer er achter welk lidnummer zit, en een klein mailtje te sturen als je je boek moet binnenbrengen. Zelfs een overzicht van je ontleende boeken is niet gemakkelijk te krijgen: dan moet je eerst een aparte bibliotheek-login krijgen, want met je studentengegevens lukt dat niet (alhoewel ze wel je studentenkaart scannen als je een boek uitleent).

Nog verwarrend is dat de catalogus gedeeld wordt door een hoop wetenschappelijke instellingen in Antwerpen en Limburg. Dat betekent dat als je een resultaat krijgt op je vraag, er een goede kans is dat het boek in kwestie enkel ergens in Antwerpen op een rek staat. Er zijn nu wel enkele verbeteringen om dit duidelijker aan te duiden, maar het kan toch nog een stuk gemakkelijker (bijvoorbeeld door er al initieel een locatie-beperking in te steken, die je dan indien gewenst kan uitschakelen).

In Limburg hebben een hele hoop bibliotheken zich ook gegroepeerd onder de vleugels van de Provinciale Bibliotheek, maar daar is het toch wat slimmer gegaan. Je kan inderdaad zoeken in heel de catalogus, maar standaard is de zoekopdracht beperkt tot enkel jouw locatie. Als je toch een boek ergens anders vindt, kan je het daar zonder problemen gaan lenen, met jouw bestaande kaart, zonder extra kosten.

Waarom kan zoiets ook niet voor de bibliotheken van de universiteiten en hogescholen in Vlaanderen? In mijn ideale wereld zou ik met mijn studentenkaart van eender welke instelling in eender welke andere bibliotheek kunnen binnenwandelen, daar boeken raadplegen en uitlenen, zonder extra kosten. Nu plakt er boven het toetsenbord van de balie bij ons een duidelijk label: “KHLim = betalen!”. Het feit dat je gewoon de straat oversteken is niet van tel: andere associatie = andere wereld. Ze moeten niet afkomen met het argument dat dit voor grote scheeftrekkingen gaat zorgen, dat één instelling verhoudingsgewijs veel meer bezoekers gaat krijgen, en daar geen extra financiering voor in de plaats krijgt. Het gaat volgens mij al niet om echt grote aantallen gaan, en wat is de marginale kost van een extra bezoeker? (Niet te verwarren met de kost van een extra marginale bezoeker trouwens.) Op dit moment wordt er ook niet tot op de cent nauwkeurig nageteld hoe het met de inschrijvingsgelden en zo van Erasmusstudenten zit: je bent maar al te blij dat je instelling zo gewaardeerd wordt dat er studenten van ergens anders naar jou willen komen.

Nog zoiets onnozel is het feit dat het blijkbaar niet mogelijk is om in een andere instelling met jouw laptop een internetverbinding te krijgen. Bij ons moet je al fysiek je laptop afgeven voor een controle (alhoewel ik de indruk heb dat ze met een Mac niet echt iets doen) en registratie van je mac-adres, en sinds kort moeten we zelfs elke keer als je ‘m insteekt nog eens via een registratiepagina. Idem (maar met een aparte registratie) voor het draadloze netwerk dat sinds begin dit jaar wordt uitgetest. Buitenstaanders hebben dus geen mogelijkheid om via hun laptop snel eventjes hun mails binnen te halen, of een website te tonen als ze hier een gastcollege komen geven.

In Nederland en Duitsland hebben de universiteiten blijkbaar samengewerkt, want daar kan je met de login-gegevens van je eigen universiteit ook ergens anders een (tijdelijke? beperkte?) verbinding krijgen. Weeral de vraag: waarom kan dit bij ons niet? Ik snap wel dat ze niet willen dat iedereen constant het netwerk overbelast door Prison Break heen en weer te sturen, maar kan daar toch geen tussenoplossing worden uitgedacht?

Ik zou misschien deze zaken eens wat gestructureerder moeten noteren, en ze in de vorm van een standpunt of zo gieten, klaar om via VVS naar alle studentenraden te verspreiden, zodat er druk langs de boven- en de onderkant op de verantwoordelijken komt. Nu ze een burgie aan het hoofd hebben gezet, zou dat misschien wel iets kunnen uithalen?


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.